Ode op de vriendschap

Ik heb een vriend, een echte vriend die mijn diepste dromen deelt. Een beste vriend die snel kan lopen en voor mij holt hij de wereld rond. Hij kan me bijhouden terwijl ik skate en volgt me zelfs in mijn gedachten. Er is geen wedstrijd die hij niet winnen kan, maar voor mij laat hij zijn overwinning schieten en vormt hij toch een team. Samen uit, samen thuis. Wat ik ook doe, voor hem is het goed, alleen maar omdat ik het ben. Hij daagt me uit om grenzen te verleggen: de honderd kilometer had ik zonder hem nooit gehaald. Hij houdt van heel de wereld, behalve van zichzelf en geeft me zelfs cadeautjes die ik tegen hem gebruik. Wat hij wil? De kleine dingen: een picknick op het water, een barbecue in de tuin… Nooit stapt hij met het verkeerde been uit bed en altijd word ik wakker met een lach. Hij voert me mee naar verre landen waar geen zorgen meer bestaan, houdt mijn hand vast als ik val en helpt mij zoeken wat ik ooit ben kwijtgeraakt: een eeuwige jeugd, een tweede puberteit. Het leven is voor hem één groot avontuur en gek is voor hem nog net niet gek genoeg. Hij loodst me door pieken en dalen, laat me zweven in de wolken en is de zon die voor me straalt. Zijn grootste uitdaging? Dat ik op tijd klaar ben, zodat ik de trein niet mis. Zijn hoogste goed? Mijn geluk.

Ik heb een vriend die voor me speelt, die zelf de mooiste liedjes maakt. Hij neemt me mee naar sterren en planeten waar ik zelf nooit ben geweest. Voor mij tovert hij de lekkerste gerechten op tafel waar ik nooit genoeg van krijg. Nooit zou hij in mijn verhalen als stripheld willen duiken. Een kritisch lezer is hij des te liever. Met een gerust hart laat hij me op reis vertrekken: de kruiden gaan ook zonder zijn goede zorgen wel dood en hij geeft me er nieuwe als cadeau. De dood van mijn goudvis Georges was niet zijn schuld. Dat heeft de kat gedaan en Georges kreeg een eervol afscheid: zijn stoffelijk overschot rust in gewijde aarde en ligt gelukkig niet meer bij mij thuis😊.

Ik heb een zus bij wie ik perfect imperfect mag zijn. Ze heeft aandacht voor alles en iedereen, is nooit gemeen, ziet het goede in de mensen om zich heen en is een echte kindervriend, maar haar enige dagen zonder kinderen brengt ze toch door met mij. Ze zit op de eerste rij als ik optreed en is mijn oudste speelkameraad. Er is geen spel dat zij heeft uitgedacht waaraan ik niet deelnemen kan, geen gerecht dat zij heeft gemaakt en dat mij niet smaakt. Soms wil ze de wereld dragen en dan wordt het haar te zwaar. Haar telefoon staat vaak op stil, maar haar hart staat altijd open. Ze bruist van ideeën en is altijd onderweg. Haar verkleedkleren, haar beste vrienden, zelfs haar laatste kruimel zou ze met me delen. Heb ik iets leuks nodig of iets moois voor iemand die ik graag zie? Dan helpt zij mij met zoeken, ook al mag het niet van thuis en als ik even niet in mezelf geloof, geeft zij mij hyacinten: een geur die ik van haar niet mag vergeten, een geur die me moet herinneren aan alles wat ik kan.

Ik heb een vriend die niet kan lezen en schrijven en toch wijst hij mij de weg. Hij heeft een passie voor datums en cijfers en de dieren zijn zijn beste vriend. Werken kan hij als geen ander: even buiten, snel weer binnen. Na één minuut is alles al gedaan: het onkruid gewied, het hout gestapeld, de bladeren geraapt… Tenminste, dat zegt hij😊. Voor hem zijn wetten als worstjes. Hij wil niet weten hoe ze worden gemaakt en mensen zijn als wolken: soms is het beter dat ze verdwijnen. Van vrijen wordt hij moe en liefst van al is hij op zichzelf. Zijn grootste droom? Alleen wonen, alleen wil zijn omgeving niet echt mee. De psychologen schatten hem op een mentale leeftijd van vier, maar in zijn eenvoud zegt hij de meest wijze dingen waarvan ik nog leren kan. Zijn motto: vragen staat vrij.

Ik heb een raadsman die ik ook als vriend beschouw en die me bijstaat waar mogelijk. Zijn doel? Dat ik word gehoord, dat ik word vergoed, al is het maar moreel. Hij luistert zonder oordeel en kiest elk woord met zorg. Zijn geschenk aan mij? Een vonkje vertrouwen. Nee, ik hoef me niet te schamen om de vrouw die ik ben of die ik ooit was. Zijn grootste passie? Zijn werk, zijn gezin en – voor de fun – ‘een beetje’ golf. Hij schrijft brieven en pleidooien waar ik zelfs een beetje warm van word.

Ik heb een teamleider die me laat uitrazen boven mijn toetsenbord en me rugdekking geeft als een trouwe soldaat. Hij waardeert mij om mijn kunde in mijn werk en in mijn zijn. Ik grap dat mijn harde schijf is gecrasht: de laptop is spontaan uit mijn hand gevlogen, toen ik toevallig aan werken dacht. Hij doet alsof hij het gelooft en mijn dag kan niet meer stuk. Zijn geluk? Dat we een team zijn, één grote familie die er is voor elkaar. Op kantoor: een blij weerzien. Als ik moe ben: een kop koffie. Als ik verdriet heb: even uitwaaien in de zoo. Op het podium: luid applaus. Steeds weer een arm die ik mag vasthouden, warme chocolademelk die wordt gehaald. Elke dag een mooi verhaal, een nieuw avontuur, iets zoets, iets hartigs, daar kikker je van op. Elke vergadering is een feest en we botsen alleen in de botsauto’s. De geur van verse olijven is het enige middel om even alleen te zijn. Als je die op tafel zet, gaat er niemand meer naast je zitten en heb je vanzelf geen vrienden meer😊.

Ik heb een vriend die met mij een hindernisparcours trotseert. Een vriend die mij wekt met een ochtendklaroen en mensen huldigt met een lied. Een vriendin voor wie ik schrijf, omdat ik weet dat zij mij leest. Een poetsvrouw die niet alleen mijn huis schoonmaakt, maar ook een stukje familie geworden is. Een radiomaker met wie ik mijn weinige wijsheid deel. Een instructeur die me veilig laat landen, met beide voeten op de grond. Ik heb een schrijfgroep die me verrijkt met opbouwende feedback, een leesclub die boeken nooit uitleest maar des te liever praat met mij. Er zijn verkopers die mij met allerlei lekkers verwennen en assistenten die mij op de trein zetten met een lach, een bron van energie voor een nieuwe dag. Er zijn er zo veel die ik ken die mij de ruimte geven om te groeien, die mij maken tot wie ik ben: een vrouw die zichzelf respecteert en het wondere van de wereld ziet. Ik hoef de goden echt niet te vragen om meer. Ik kan alleen maar zeggen: dank je wel.