Een geluk bij een ongeluk

Als ik in het Romeinse Rijk had geleefd, was ik een gifmenger geweest. Ik zou erover waken dat het gif niet te rood zou kleuren en ook een beetje geel, zodat de vijand een trage dood zou sterven. Als ik in de middeleeuwen had geleefd, dan was ik een barones. Ik zag erop toe dat er geen vuiltje op de schoorsteenmantel lag en dat mijn dienstbodes geen moment niets zouden doen. Als ik in de industriële revolutie had geleefd, dan werkte ik aan de band en was ik nu waarschijnlijk een paar vingers kwijt. In deze tijd was ik politieagent geweest. Daar droomde ik als kind altijd al van. Ik schreef torenhoge verkeersboetes uit, ik reed zelf ook veel te snel en ik schreeuwde: “Houd de dief!”

Maar gelukkig ben ik blind en geloof mij: de wereld is er daardoor beter aan toe; ikzelf trouwens ook. Ik kan niet zien of het gif de juiste kleur heeft bereikt, ik kan niet zien welke auto verkeerd staat geparkeerd en ik kan niet zien of mijn poetsvrouw haar werk met zorg heeft uitgevoerd. Ik kan niet veel te snel rijden met mijn step, ik heb al mijn vingers nog en dat is maar goed ook😊.